decreet houdende wijziging van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, van de decreten van 4 mei 2018 over het samenvoegen van welbepaalde gemeenten, van het Lokaal en Provinciaal Kiesdecreet van 8 juli

23 mei 2018

Onderstaand voorstel brengt naast een aantal noodzakelijke technische aanpassingen ook enkele wijzigingen aan de regelgeving aan die absoluut nodig zijn om de efficiënte werking van de lokale en provinciale besturen te garanderen.  Deze wijzigingen worden overigens aangebracht ten einde tegemoet te komen op dringende vragen dienaangaande vanuit de lokale besturen zelf.
Een aantal technische aanpassingen hebben onder meer te maken met de mogelijkheid dat de nieuwe gemeenteraden niet tijdig kunnen geïnstalleerd worden ingevolge een bezwaar tegen de verkiezingen.  Indien dat bijvoorbeeld zou gebeuren in een van de nieuwe fusiegemeenten, dan moeten elk van de aparte gemeenten in afwachting van de afhandeling van die bezwaren elk apart hun bevoegdheden nog kunnen uitoefenen.  En in het geval dat de gemeenteraad ingevolge dergelijk bezwaar tegen de verkiezingen  niet tijdig kan geïnstalleerd worden, wordt duidelijk voorzien dat de gemeenteraad en de OCMW-raad in afwachting van een definitieve afhandeling van die bezwaren elk hun bevoegdheid verder kunnen blijven  uitoefenen.  Het zijn beide elementen die kaderen  in het garanderen van  de continuïteit van het bestuur.  De dienstverlening naar de bevolking toe moet in dergelijke omstandigheden immers volop kunnen gehandhaafd worden.  Het is dan ook goed dat nu de nodige decretale aanpassingen doorgevoerd worden om die continuïteit te garanderen.
 
Een ander belangrijk punt waar middels dit voorstel duidelijkheid in komt, betreft de samenstelling van  de raden van bestuur van de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden.  Deze meerderheid heeft beslist om die raden van bestuur gevoelig af te slanken.  Naar de toekomst toe zal geen enkele raad van bestuur nog uit meer dan 15 leden mogen bestaan.  Dat is een principe waar deze meerderheid volop achter blijft staan.  Maar we mogen ook niet blind zijn voor de situatie op het terrein, zeker niet in een verkiezingsjaar.  De eerste maanden van  volgend jaar zullen de raden van bestuur van alle intergemeentelijke samenwerkingsverbanden ingevolge de algehele vernieuwing van  de gemeenteraden ook vernieuwd worden.  Vanuit verschillende gemeenten bereikten ons berichten dat het evenwel helemaal niet zo evident en/of praktisch is de raden van bestuur per 1 januari 2019 aan te passen en dat vervolgens amper een paar maanden later nog eens te doen ten gevolge van  de nieuwe samenstelling van de gemeenteraden.  Het is dan ook aangewezen om de uittredende raden van bestuur in functie te laten  blijven tot hun hersamenstelling ten gevolge van de vernieuwde samenstelling van de gemeenteraden.  Dat de aldus, zeer tijdelijk, in functie blijvende raden van bestuur in hun verder  functioneren de nodige omzichtigheid aan de dag leggen en geen beslissingen meer nemen die een volgende raad van bestuur te zeer zouden bezwaren, is daarbij evident.
Een ander in het oog springend punt betreft het feit dat terug de mogelijkheid gecreëerd wordt dat gehuwden of wettelijk samenwonenden ook  de naam van hun partner kunnen gebruiken op de stembiljetten of op de stemcomputer.  Die mogelijkheid bestond tot in 2012 en bestaat overigens nog altijd voor de federale en de Vlaamse verkiezingen.  Heel wat mensen gingen er van  uit dat zij ook voor de komende gemeente- en provincieraadsverkiezingen de naam van hun partner konden toevoegen aan hun eigen naam.  Dat dit evenwel niet meer mogelijk was kwam bij heel wat kandidaten (kandidaten die in het verleden altijd al de naam van hun partner toegevoegd hadden) als een complete verrassing over.  Met dit voorstel wordt daaraan geremedieerd.  Het zou overigens alleen maar verwarring scheppen indien dit voor de verkiezingen van oktober niet mogelijk zou zijn en voor de Vlaamse en federale verkiezingen van volgend jaar dan weer wel mogelijk zou zijn.  Om dienaangaande geen enkel misverstand en geen enkele twijfel te laten voortbestaan wordt de regeling op dit punt bijgestuurd.
 
Ten slotte wordt in dit voorstel nog een belangrijk punt geregeld aangaande de samenstelling van de bestendige deputaties.  Eigenlijk betreft het hier een voorafname van de aanpassingen die later dit jaar nog aan het Provinciedecreet zullen doorgevoerd worden.  Beslist wordt immers dat, wanneer een bestendig afgevaardigde ontslag neemt uit de deputatie, de provincieraad kan beslissen om dat opengevallen mandaat al  dan niet in te vullen.  In die provincies waar men beslist om verder te besturen met een gedeputeerde minder zal dat dan perfect kunnen.
 
De hier voorgestelde aanpassingen spelen in op heel wat vragen die op dit moment op het terrein bij heel wat gemeente- en provinciebesturen leven.  En deze aanpassingen worden ook best met de nodige spoed behandeld.  Het is immers op dit moment dat men volop bezig is met het samenstellen van de kandidatenlijsten voor de verkiezingen, dat men zich vragen stelt over de aanpassingen van  de raden van bestuur van de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden in dit verkiezingsjaar, dat men zich de vraag stelt of het nog wel aangewezen is om een gedeputeerde die ontslag neemt te vervangen.  Al die mensen die in onze steden, gemeenten en provincies met deze zaken bezig zijn en met heel wat vragen zitten verdienen dat zo snel  mogelijk een duidelijk antwoord op hun vragen.  Met dit voorstel van decreet wordt hen dit antwoord geboden.

Hieronder volgt de wijziging die vandaag in plenaire vergadering werd gestemd:

 

Voorstel van decreet
van Nadia Sminate, Koen Van den Heuvel, Marnic De Meulemeester,
Bert Maertens, Bart Dochy en Sofie Joosen
 
houdende wijziging
van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur,
van de decreten van 4 mei 2018
over het samenvoegen van welbepaalde gemeenten, van het Lokaal en Provinciaal Kiesdecreet
van 8 juli 2011
en van het Provinciedecreet van 9 december 2005
 
 
 TOELICHTING